:: Welkom
 :: Het Pennoen
 :: Contact
 :: Juridisch
:: Teksten
:: Links
:: Agenda
:: E-bonnement
:: Zoeken
Het Pennoen

Boekbespreking

Opstellen over cultuurpolitiek en culturele rechten

Auteur(s): Paul Van Cappellen

Publicatie: 26 januari 2005

"Er is sprake van een cultureel tekort in de prioritering, budgettering en beleidsvorming van de Europese Unie. En er zijn geen waarneembare aanwijzingen dat daarin spoedig verandering komt. Toch vraagt het gestaag voortgaande integratieproces om een dynamische cultuurpolitiek, die berust op een uitgekiende balans tussen regionale, nationale en supranationale belangen. De noodzaak ervan is gelegen in taal en cultuur als intrinsieke bestanddelen van de rijke beschavingsgeschiedenis van de landen die de Europese Unie schragen, maar kan evenzeer worden ontleend aan de gewenste complementering van een multiculturele gemeenschap van burgers en naties waarin al te lang de economische, monetaire en materiële zaken domineren." (pag. 8)

Dit citaat uit de inleiding van het boek "Het cultureel tekort van de Europese Unie" zet onmiddellijk de toon voor het geheel van essays dat er in is opgenomen: een degelijke en onderbouwde analyse van de tekortkomingen van het Europees beleid inzake taal en cultuur. Een dozijn professoren en andere deskundigen die zich gegroepeerd hebben in het "Comité Buitenlands Cultureel Beleid" nemen elk een aantal aspecten van de problematiek onder de loep vanuit een Nederlands-Vlaams perspectief.

Het Comité werd in 1990 opgericht door o.m. de drie jaar geleden overleden Nederlandse UNESCO-diplomaat en cultureel Euroscepticus Maarten Mourik, waarmee ik nog een interview deed naar aanleiding van de culturele paragraaf in het Verdrag van Maastricht. Mourik verwoordde het toen zo:

"Ik spreek dus uitdrukkelijk niet van een Europese cultuur, die bestaat in mijn ogen niet. Als men dat uitgangspunt accepteert, dan ligt het voor de hand dat je je erop toelegt om die culturele veelvormigheid niet alleen te handhaven, maar eventueel ook uit te breiden en in ieder geval te beschermen. [...] In de Europese Unie wordt sinds Maastricht met de mond beleden dat de culturele pluriformiteit in Europa gehandhaafd moet worden, maar u zult daarbij zelf ook vastgesteld hebben dat er geen filosofie achter zit. Men zegt ja, we moeten dit handhaven, maar men zegt niet waarom."

Begin 2001 zorgde Mourik evenwel voor nog veel meer opschudding door bij het gerecht klacht neer te leggen tegen Jorge Zorreguieta, de vader van prinses Maxima, die zich in de junta van dictator Videla schuldig maakte aan misdaden tegen de mensheid in Argentinië. Uiteindelijk besloot het Nederlandse gerecht niet te vervolgen en vader Zorreguieta kon ongestoord het huwelijk van zijn dochter bijwonen.

Maar goed, terug naar het onderwerp. Het Comité Buitenlands Cultureel Beleid ijvert voor een vrijwaring van de culturele rechten en de culturele autonomie van de naties en regio's in de Europese Unie, dwars tegen de uniformiserende druk van de markt en de Eurocratische bureaucratie in. Het Comité bepleit eveneens sterk een Nederlands-Vlaamse culturele coalitie in een Europese context, maar gaat in dit boek niet voorbij aan de rechten van kleine culturen, minderheidstalen en migranten in de Unie.

Net zoals de vorige publicaties en adviezen van het Comité aan de Vlaamse en Nederlandse regeringen werd dit werk voorafgegaan door een symposium. Dat de verschillende auteurs soms tegenstrijdige standpunten innemen draagt alleen maar bij tot de hoogstaande discussie. Zo verdedigt Jan Clement van de KULeuven het territorialiteitsprincipe zoals het ook in ons land bestaat, terwijl Damiaan Meuwissen van de Universiteit van Groningen eerder ijvert voor een Europees personaliteitsprincipe.

Storender zijn de kleine fouten die in sommige stukken zijn geslopen. De serieu van het geheel is bijvoorbeeld niet gebaat bij de kanjer van formaat die Han Entzinger van de Universiteit van Rotterdam zich permitteert als hij zich afvraagt of er wel een groot verschil is tussen autochtone en allochtone minderheden en daarbij het voorbeeld van de Basken aanhaalt: "... lijkt het onwaarschijnlijk dat de Basken altijd in Baskenland hebben gewoond, al was het maar opdat hun taal in geen enkel opzicht verwant is aan Spaans of Frans." Een dokter professor sociologie, gespecialiseerd in migratie- en integratiestudies, die nog nooit van de verspreiding van de Latijnse talen in Europa door de Romeinse legers (diverse Romeinse schriftstellers in het zog van de legioenen maakten trouwens al melding de Basken in de gebieden waar ze nu nog leven...) heeft gehoord doet ons toch licht twijfelen aan zijn deskundigheid.

Maar goed, een zeer lezenswaardig boek op initiatief van een groepje geëngageerde deskundigen die puik en nuttig werk leveren. Alleen al uit appreciatie voor hun inzet zou het best eens op je nachttafeltje mogen terechtkomen.

Het Cultureel tekort van de Europese Unie, door Paul Beugels en Jan de Groot (red.), Uitgeverij Damon, oktober 2003, ISBN 90-5573-447-0, 192 pagina's, 16.90 €